Nieuwsbrief

Hou u zelf op de hoogte met onze gratis nieuwsbrief







Home Drenthe Wachtum
Coevorden - Personen

Acht Thunderbolds.
Herinneringen van het jongetje Herman Brand.

Naarmate het voorjaar vorderde werd de agressie vanuit de lucht steeds intensiever. In Maart trekken steeds nog grote luchtvloten naar Duitsland. Op de 24ste valt een benzinetank in de woning van caféhouder Vleems in Wachtum.

Er waren twee doden en talrijke gewonden. De brandweer van Dalen werd tijdens het blussen nog vanuit de lucht beschoten. Op dezelfde dag wordt in Vlieghuis een wagen beschoten,waarbij eveneens twee doden zijn te betreuren. Van een wagen die op Stieltjeskanaal het aanvalsdoel vanuit de lucht is word alleen het paard gedood.

P47 - Thunderbolt

Meer over de Thunderbolt, ook wel het "bakbeest" genoemd, zie onder aan de pagina.

Niet alleen deze toenemende activiteiten vanuit de lucht,maar ook de berichten die via de B.B.C. en Herrijzend Nederland (het station in het bevrijde Eindhoven) tot ons kwamen deden vermoeden dat er grote dingen stonden te gebeuren. Op 23 maart, 's nachts om twee uur begon de grote aanval over het front ten noorden en ten zuiden van Wezel. Bij verassing staken de Britten en de Amerikanen de Rijn over.Op 26 maart was het bruggehoofd aan de oosterzijde van de Rijn 50 km breed en 30 km diep.Crerars 1e Canadese en Dempseys 2e leger waren hun opmars naar de Noordzee en de Elbe begonnen.het Canadese 2e legercorps onder luitenant-generaal Simonds rukte daarop de Achterhoek binnen.

Een blik op de kaart die bij Feldwebel Meier in het kantoor hing leerde ons dat nu geen grote hindernissen meer aanwezig waren op de weg naar Coevorden.De oorlogshandelingen waren het gesprek van de dag en elke morgen na het wakker worden vroeg ik me weer af:wat zullen vandaag de goede berichten zijn?Helemaal gerust op de komende gebeurtenissen waren we echter niet,er kon nog zoveel gebeuren eer we bevrijd zouden zijn!En inderdaad zou het venijn,wat ons betreft in de staart zitten! Op woensdag, 28 maart, even na tienen in de morgen, kwam Wim van der Graaf mij opzoeken in mijn ouderlijk huis aan de Stationsstraat.De lessen op de H.B.S waren al stopgezet en we brachten meestal onze dag door met schaken of met koppen met een voetbal (wie de meeste scores had bij tien maal koppen, ik verloor meestal).

Nu was op een of andere manier de trekker van onze W.C in het ongerede geraakt:het porseleinen handvat ontbrak. Mijn vader (op een mopperende toon zoals volwassenen spreken tegen jongens die maar niet hoeven te werken en zich aan hun eigen liefhebberijen kunnen wijden) gebood mij om bij Hommo Koster (een ijzerwarenzaak net over de Bentheimerbrug) een nieuw handvat te gaan halen.Dat moest dan eerst maar even gebeuren.Al gauw reed ik (met Wim achterop mijn fiets) door de Friesestraat en de Bentheimerstraat, in de richting van de Bentheimerbrug.Daar aangekomen bemerkten we dat er vliegtuigen in de lucht waren.Aan het snelverplaatsende geluid te horen moesten het jagers zijn.En die zagen we vlak voor onze neus. Bij de zaak van Hommo Koster stond een hele rij vrachtwagens.Een paar Duitsers stonden ernaast,ze keken met verrekijkers in de lucht.Ze gebaarden ons dat we van de weg af moesten gaan.Ik keerde haastig met mijn fiets om:het leek me beter, nu de aanval nog niet begonnen was, zo ver mogelijk uit deze buurt te komen.We zetten koers naar het huis van Wim aan de Markt.Onderweg hoorden we aan het geluid van de vliegtuigmotoren dat men kennelijk iets aan het zoeken was.

Over de Melkkade en door de Oosterstraat kwamen we via de achteringang in de tuin van Van der Graaf en juist op dat moment zag ik boven ons een paar vliegtuigen die zwarte voorwerpen hadden losgelaten.Het waren bommen die als stipjes zich snel naar beneden verplaatsten.In de lange gang van het huis stond Wims moeder en die riep ons toe dat we snel in de kelder moesten gaan.Op hetzelfde moment hoorden we buiten een enorm kabaal: ik besefte meteen dat het een compleet bombardement betekende.Het geluid kwam uit noordelijke richting en ik riep:"Dat is op ons huis!"Bevend van angst zat ik daar in de kille kelder,voor mijn gevoel wel een half uur, terwijl de geluiden van inslaande bommen en het geratel van mitrailleurs elkaar afwisselden.

Daarna was er weer diezelfde stilte als in het begin van die morgen,nadat het geluid van de vliegtuigmotoren langzaam minder was geworden en tenslotte verdween.na nog enig afwachten besloot ik alleen terug te gaan naar huis. Mensen stonden met elkaar te praten, maar ik fietste snel door, met de bange verwachting in mijn hart dat dit keer wel een ons huis en mijn familie getroffen zouden kunnen zijn.Ik fietste door de Friesestraat en op het Stationsplein gekomen zag ik dat overal de ruiten gesneuveld waren.Hoe dichterbij ik bij huis kwam hoe angstiger werd het mij te moede.

De Stationstraat was bijna niet meer te berijden vanwege de bomtrechters en stukken pannen en steen. De huizen waren zwaar beschadigd,vlak voor het huis van Lukkien was een boom omgevallen boven op een lantaarnpaal. Het beeld wat ik toen voor ogen kreeg zou ik jaren later nog steeds in mijn dromen terugzien.Ons huis stond er nog, maar was zwaar gehavend.Toen ik dichterbij kwam zag ik dat het terrein voor ons huis omgewoeld was door bomtrechters, bomen waren net boven de stam afgeknapt, de spanten van het pakhuis waren naar beneden gekomen.

Op dit ene ogenblik drond de angstige gedachte tot mij door dat mijn hele familie wel eens dood zou kunnen zijn. Maar ik moest doorlopen,er was verder geen mens te zien.Misschien zou ik hulp moeten organiseren.Wat was ik blij toen ik moeder achter het huis zag lopen.Ze was geheel ontdaan.Feldwebel Meier was bij haar.

Maar tegelijkertijdig met deze opwelling van blijdschap werd die weer getemperd door een angstige schreeuw van moeder: "Waar is Mien?"Wat was er gebeurd?Tegelijk met mijn vertrek naar de stad was ook vader op de fiets weggegaan om een boodschap te doen bij bakker Klingenberg op de Looweg.

Die bakte brood van meel dat we zelf daar heen moeten brengen en vader wilde dat afhalen.Toen het geluid van de vliegtuigen een onheilspellend karakter aannam was Mien naar buiten gelopen om poolshoogte te nemen.Toen de eerste bommen de lucht gierden had Feldwebel Meier moeder geboden onder de tafel in het washok te kruipen.Samen met de Duitser had ze daar het bombardement overleefd,terwijl delen van het huis waren ingestort.Mien was wat verder weg gelopen en achter de schuur bij de (toen nog niet gedempte) gracht gekomen, voor de deuren van de kleine loods.Op slechts 15 meter van haar vandaan waren later de bommentrechters te zien,vlakbij haar was het dak van de grote loods naar beneden gekomen.Toen de eerste bommen waren gevallen (waarna het mitrailleren nog lange tijd doorging) hoorde Mien op enige afstand iemand roepen.

Het was een man die in een door de Duitsers gegraven mangat zat.Hij riep haar toe ook daar naartoe te komen.Dat heeft ze gedaan en toen uiteindelijk het bombardement was afgelopen is ze in de richting van Dalen gelopen.Daar kwam ze even later mensen tegen die haar zeiden dat men haar zocht.Tot grote opluchting van moeder en mij zagen we Mien weer aankomen en even later kwam gelukkig ook vader weer op de fiets aanrijden.Wonder boven wonder waren er maar enkele geownden (waaronder een jongentje uit Rotterdam dat bij Raué was ondergebracht).Er was ook een Duitser gedood,maar dat maakte minder indruk.Hoe de Familie Lukkien het bombardement had ervaren hoorden we later.Gerda zegt dat het ongeveer half elf moet zijn geweest, wat juffrouw brouwer (dezelfde van wie wij eerder les hadden gehad in de 1ste klas van de Paul Krugerschool) kwam steeds in de pauze dan bij hen kofffiedrinken en de onderwijzeres was zojuist aangekomen.Verder had men Lukkien nog een onderduiker,Joop Assink,afkomstig uit Voorburg en op bezoek waren Greetje Feijen en een vriendinnetje (Titi en Jaap Feijen woonden bij hen in).Pa was op de aardappelmeelfabriek,maar van de familie waren wel ma,Gerda,Bob en oude oma thuis.

Toen de eerste bommen vielen dook iedereen de kelder in,Gerda had de twee kleine kinderen onder de arm.Bob had net de witte keeshond Vic uitgelaten,op de plaats waar hij had gelopen viel een bom.Het was een hels kabaal en onder meer vielen worsten en hammen van het plafond naar beneden.Tussen hun huis en dat van Raué stond een dorsmachine en men had de indruk dat die door mitrailleurs van de vliegtuigen onder vuur werd genomen.Toen na geruime tijd de rust was weergekeerd verscheen dokter De Vries ten tonele en gelukkig kon mevrouw Lukkien toen melden:"Er is hier niets te verdienen dokter!"

De familie Lukkien kon niet in het zwaarbeschadigde huis blijven wonen,ze trokken eerst bij Feijen aan de Haven in en kregen na de bevrijding het huis van Van Zuiden,net achter onze in de Van Eijbergenstraat.De Van Zuidens hadden toen al het leven gelaten in een Duitse concentratiekamp.Ook ons huis en huisraad waren zodanig vernield dat we een ander onderdak moesten zoeken.Dat was heel gauw geregeld!Jan van Tarel, een vriend van vader, die op de boerderij "De Koppel" woonde aan de Eschebruggerdijk, bod spontaan een deel van zijn huis aan.Al gauw was hij er met paard en wagen,waar de inboedel, voorzover die nog heel was,werd geladen.Wie had die morgen van de 28e maart kunnen voorspellen dat we 's avonds met onze zwaar gehavende spullen ergens op een boerderij buiten de stad zouden zitten?oorlog stelt je elke dag weer voor verassingen. We bewoonden het oostelijk gedelte van Van Tarels huis,dat in het midden door een gang werd gescheiden.

Het huishouden functioneerde al weer gauw.Vader had het eerst druk met het dichtspijkeren van ons huis aan de Sationstraat. Het boerenwerk trok mijn belanstellng,ik hielp met het voeren van de beesten en veegde,soms wel meerdere malen per dag, de stal netjes aan.Soms ging ik op de fiets naar de stad,hetzij om boodschappen te doen of om de kippen te voeren bij onze schuur aan de Parallelweg.Ik was opgelucht nu de gevaarlijke omgeving van het stationsemplacement te hebben verlaten. Het feit dat ons hebben en houden grotendeels was venield deed me niet zoveel, wat overheerste was de stellige overtuiging dat nu de bevrijding niet lang meer op zich zou laten wachten en wat was er aantrekkelijker dan de laatste dagen van de bezetting in een ogenschijnlijk veilige omgeving door te brengen?Maar ook die verwachting zou heel anders uitkomen.



Naar het dagboek van Herman Brand.


Republic P47 Thunderbolt.

Er zijn veel vliegtuigtypen uit de periode van de Tweede Wereldoorlog die zich kunnen voorstaan op een belangrijk aandeel in de overwinning van de geallieerden. Een hiervan is de buitengewoon succesvolle Republic P-47 Thunderbolt. Ook wel "Juggernaut" (bakbeest) genoemd of simpelweg "Jug". De Thunderbolt, vanwege zijn grootte een opvallende jager en bommenwerper, was evenzeer thuis op grote hoogten als escorte jager van bommenwerpers, als op lager niveau als adequate aanvalsjager van tactische doelen. Historisch gezien was de P47 een voortzetting van een serie jagers die zijn oorsprong had in het midden van de jaren dertig. Het bedrijf dat indertijd bekend stond als de Seversky Aircraft Corporation, en uiteindelijk de Thunderbolt ontwierp, begon met het ontwerpen van twee aantrekkelijk eenmotorige, eenpersoonstoestellen, de P-35 en de P-43 Lancer. Beide typen werden in relatief kleine aantallen door het U.S. Army corps aangeschaft.

De toestellen waren verwant aan een verscheidenheid aan eendekkerontwerpen van Seversky, waaronder een recordbrekend burgervliegtuig en een tweepersoonstrainingsjager. Deze variëteit verschafte het bedrijf een nuttig kader voor het ontwerpen van gevechtsvliegtuigen met de laatste nieuwtjes en snufjes. Twee Russische immigranten, Alexander de Seversky, een Russisch vlieger uit de Eerste Wereldoorlog, en ontwerper Alexander Kartveli, waren de stuwende krachten achter Seversky, en later achter Republic. De P-47 was eind jaren dertig oorspronkelij ontworpen als een lichtgewichtjager, maar men trok zijn conclusies uit de hevige luchtgevechten die in 1940 boven Europa plaatsvonden. Zowel Republic (De nieuwe bedrijfsnaam) als de U.S. Army namen luchtgevechten die zich vooral na mei 1940 boven Noord-Europa hadden voorgedaan onder de loep.

De oorspronkelijke prototypen van de XP-47 en de XP-47A waren ontworpen voor een Allison-lijnmotor, maar Kartveli voorzag dat deze krachtbron, die op grote hoogte slecht presteerde, niet geschikt was. Daarom kwam hij met een nieuw ontwerp rond de krachtigste motor die toen leverbaar was, de nieuwe 2000pk Pratt & Withney R-2800 Double Wasp. Dit was een lijvige motor die in het grote ontwerp van de nieuwe P-47 paste. De radicale ideëen van Republic werden in juni 1940 voorgelegd aan het Army Air Corps. Republic had in de roos geschoten, er werden uitgaande van de "schetsen" orders geplaatst voor het nieuwe XB-47B-ontwerp, bestaande uit 171 productie-P-47B's en 602 P-47C's. De twee waren in het principe hetzelfde, behalve dat de P-47C een iets langere romp had voor verbeterde stabiliteit. De XP-47B vloog op 6 mei 1941 voor het eerst.

In juni 1942 werd de 56th Fighter Group uitgerust met de P-47 en in december 1942 en januari 1943 ging dit onderdeel naar Engeland. Deze eenheid werd de eerste Thunderbolt Group, en het was een opvallend onderdeel van het Eight Army Air Force jagerscommando, dat later zo succesvol werd in het escorteren van zware Amerikaanse bommenwerpers boven het bezette Europa en Duitsland, en in het neerhalen van Duitslands Luftwaffe naarmate de oorlog vorderde. In Maart en April 1941 vonden de allereerste Thunderbolt-missies door eenheden van de Eighth Air Force plaats boven Noord-Frankrijk.

Er waren toen grote orders geplaatst voor de P-47D. Deze versie was numeriek de grootste van alle Thunderbolt-varianten, en werd gebouwd door die belangrijke productiecentra. Er waren significante verschillen tussen de eerdere en de latere P-47D's. Dit betrof hoofdzakelijk de rompvorm. Eerdere P-47D-modellen hadden de verhoogde romprug achter de cockpit (P-47B en P-47C), maar vanaf de P-47D-25-RE was de vorm van de romp radicaal gewijzigd. Door het verwijderen van de verhoogde rug had de romp meer stroomlijn gekregen en de vlieger een beter zich naar achteren door de plaatsing van een cockpitkoepel. In totaal werden er door Republic meer dan 12.600 P-47D's gebouwd en nog eens 354 door Curtiss-Wright als P-47G's.

Dat de Thunderbolt succes had als escortejager had zijn redenen. Een daarvan was de turbocompressie voor de R-2800 motor van de P-47. Amerika was in die tijd wereldleider in turbocompressie (dit is de vergroting van het motorvermogen door de eigen hete uitlaatgassen van de motor te gebruiken voor het middels een centrifugaal compressor comprimeren van de inlaatlucht, een technologie waarin de Duitsers, ondanks al hun innovaties en kennis, schromelijk tekortschoten).

Diverse Amerikaanse azen vlogen met de Thunderbolt, waaronder Robert S. Johnson, Francis Gabreski en Neel Kearby. De Britse Royal Air Force werd voorzien van 240 (mogelijk meer) vroege exemplaren, onder de naam Thunderbolt I, terwijl nog eens 590 latere P-47D modellen als de Thunderbolt II werden geleverd.

In het algemeen werden de Thunderbolts van de R.A.F. toegewezen aan squadrons in Zuidoost Azië (De strijdtonelen van India en Birma), waar ze grotendeels de Hawker Hurricane vervingen als grondaanvalsjager. Dit was illustratief voor de veelzijdigheid van de Thunderbolt.

Het was niet alleen een uitstekend gevechtsvliegtuig, het kon ook op laag niveau goed uit de voeten, als bommenwerper en als jager op enigerlei gronddoelen. De acht op de vleugel gemonteerde 12.7mm mitrailleurs vertegenwoordigden een enorme vuurkracht, die zowel in luchtgevechten als bij lucht-grondoperaties van pas kwam. Later in de oorlog stegen Thunderbolt-bommenwerpers van de tactische Ninth Army Air Force vanuit Zuid-Engeland op in de aanloop naar D-Day (de geallieerde invasie van Noord-Frankrijk in juni 1944), en na afloop ondersteunden ze de geallieerde legers die oprukten in een bezet Europa. De Thunderbolt excelleerde in deze rol.

Het toestel was robuust, kon ondanks fikse beschadigingen altijd naar de basis terugkeren, en kon een variëteit aan geschut meenemen, waaronder bommen, raketten en napalmtanks.
Sommige Thunderbolts werden tijdens de oorlog naar de Sovjet-Unie verscheept, terwijl andere in Mexico en Brazilië vlogen; de laatstgenoemde landen streden met een aantal van hun Thunderbolts zij aan zij met Amerikaanse eenheden. De volgende productie versie van de Thunderbolt was de P-47M.